‘Deze vuist op deze vuist. Zegt ome Doekle.’
door op 4 januari 2008
Doekle. Ik heb hem twee keer ontmoet. De eerste keer (in 2004) stond hij op een groot podium naast Lodewijk de Waal. Het museumplein stond vol met babyboomers die hun rechten voor een vervroegd pensioen veilig kwamen stellen. Ook toen waren het alleen witte, oudere mannen die hem toejuichten.
De tweede keer mocht ik – samen met andere Luxvoorianen – met hem eten. Een vriendelijke Fries. Gezellige stekeltjes. Jaren ’50 bril. Aan tafel zat een CDA’er wiens wereldbeeld een klein beetje scheef stond.
Doekle heeft linkse reflexen. Dat is op zich sympathiek. Hij geeft om andere mensen. Nu moslims door één man in een hoek gedrukt worden, gaat de vinger van Doekle de lucht in. Schande. Hij was eerst in z’n eentje boos. Maar de anti-verwildering is inmiddels een beweging en Doekle loopt met het vaandel voorop. 58 witte mannen en vrouwen lopen achter hem aan. Deze vuist op deze vuist. Zegt ome Doekle.
En, meldt hij trots op zijn website, sinds kort loopt de ‘allochtone gemeenschap’ ook achter hem aan. Die kwamen net even later. De originele lijst was lelieblank. Ook dat je de allochtonen als ‘gemeenschap’ neerzet, geeft aan dat je in een wij-zij stramien denkt. Doekle zegt eigenlijk: ‘wij doen het voor jullie, arme allochtonen.’
Op zijn website schrijft hij: ‘Wij willen de aandacht vestigen op de plaatsen waar mensen van verschillende achtergronden goed met elkaar overweg kunnen.’ Prachtige Doeklistische zin. Niet kijken naar wat er fout gaat. Maar positieve acties laten zien. Het doet mij denken aan Ahmed Marcouch die ook altijd verweten wordt een zwartkijker te zijn: ‘Iedereen roept maar tegen me dat ik het ook moet hebben over Marokkanen waar het goed mee gaat. Ik kan daar niets mee. Ik zit in een boot en ik zie dat mensen overboord slaan en verdrinken. Ze schreeuwen het uit. En dan roepen jullie: kijk ook eens naar al die mensen die nog aan boord zitten!’
Doekle is een beetje naïef. Doekle bedoelt het goed, maar doet tegelijkertijd wat hij anderen verwijt. Polariseren. Hij maakt ook onderscheid tussen groepen. En hij roept alleen de blanke Nederlander op zich tolerant op te stellen. Het is dus een omhelzing waar ‘de allochtoon’ niet om gevraagd heeft en ook niets aan heeft.
De Doeklistische actie is van de categorie polsbandjes. Een geel bandje tegen kanker. Een oranje bandje voor tolerantie. Dit is een Doekle-bandje. Laat zien waar je staat! Ook de woorden die erbij horen, zijn Doeklistische modderpoeltjes waar je in wegzakt. Benoemen. En bouwen.
Ik zie Doekle voor me als hij naar een steen kijkt. Dan zegt hij: ‘steen.’ Dat is het ‘benoemen’. Hij kijkt naar het publiek. En dan weer naar de steen. ‘Bouwen’, zegt hij dan. En dan kijkt hij weer naar zijn publiek. Tevreden. Hij heeft ‘benoemd’ (de steen) en hij heeft de oplossing gegeven- ‘bouwen’. Het huis bouwt zich vanzelf. Denkt Doekle.
Doekle. Hij mag zich overal mee bemoeien. Graag zelfs. Maar denk ook af en toe even na voor je weer gaat stuiteren van verontwaardiging. Het hele manifest blinkt uit in vaagheid. ‘Het is volstrekt onduidelijk wat je belooft als je het ondertekent’, schrijven Fatma Özgümüs en Peter Abspoel van Vluchtelingen Organisaties Nederland vandaag terecht in de Volkskrant.
Wij zijn de goeden. Wilders is de slechte. Dat is de boodschap van Doekle. En als je goed bent, mag je tekenen. Als je niet tekent, ben je slecht. Gelukkig heb ik altijd die foto nog om te bewijzen dat ik ooit naast Doekle zat. Je weet maar nooit of het van pas komt. Het is goed om de ‘leider van het verzet’ te kennen.
Marcel Duyvestijn is webbeheerder en columnist. En liefdevol lid van de PvdA. Zijn meningen weerspiegelen niet automatisch het standpunt van de partij en/of de fractie.



